Hr Solutions

Iedereen baas!

iedereenbaasVoor collega’s die een team leiden of zelf rekruteren is het duidelijk dat de jongeren die vandaag op de markt komen anders zijn dan de jongeren van pakweg 10 jaar geleden. Ze zijn zelfs in niets te vergelijken met de vage herinnering die wij van onszelf hebben toen we zelf de arbeidsmarkt betraden.

Ze zijn anders maar het is moeilijk te verwoorden hoe precies. Een andere focus, andere verwachtingen,… Als ik sommige cv’s nalees, betrap ik me op de gedachte dat ze alles vanaf dag 1 willen, zonder zich eerst te bewijzen. Maar is dat wel zo? En als het zo is, is dat dan fout?

In haar boek ‘Iedereen Baas!’ geeft Saskia Van Uffelen haar visie op samenwerken met –binnenkort- 4 verschillende generaties op één en dezelfde werkvloer. Terwijl de babyboomers langer blijven werken, komt ook Generatie Z op de markt. Vier generaties: dat is een primeur. Bovendien moeten we ook rekening houden met een steeds groter wordende diversiteit. De werkvloer heeft vandaag de dag meer dan ooit nood aan coaches, niet aan leiders. Aan luisteren, aan communiceren.

Bij het lezen van dit boek moest ik denken aan mijn 2 zonen. Kinderen van deze tijd, digital natives. Ze zijn constant verbonden met het internet. Ze leren heel anders dan wij dat deden. Ze doen dit op een natuurlijker manier, door ervaring op te doen. Digital natives gaan ook heel anders met privacy om. Ze delen alles, weten alles van elkaar via de sociale media. Het gaat meer om transparantie en samenwerking. En om zelfstandigheid: mijn oudste zoon is veel zelfstandiger en veel meer een eigen ‘ik’ dan ik dat was. Hij huivert van hiërarchie. Als hij zin zou hebben om een bericht naar de koning of president Obama te sturen, zou hij dat gewoon doen. Waarom niet?

Maar even terug naar HR: hoe kunnen we ons klaarmaken voor die nieuwe generatie digital natives die zijn opwachting maakt of zal maken op de arbeidsmarkt? Het is verkeerd te denken dat zij zich wel aan ons zullen aanpassen. De vraag is: hoe zullen we onze organisaties klaarstomen voor de toekomst? Hoe gaan we ervoor zorgen dat vier verschillende generaties, elk met hun eigen waarden, cultuur en manier van werken, het samen beter gaan doen? Dat kan alleen als we iedereen zijn eigen sterktes laten inzetten.

De auteur geeft hiervoor ook tips mee in haar boek. Het gaat over het delegeren van verantwoordelijkheden, over het schenken van vertrouwen, over autonomie en zingeving. En ook over samenwerking. Ik ben het volmondig met haar eens als ze schrijft dat we af moeten van het directieve micromanagement. Hoe dikwijls hoor ik niet dat de relatie met de N+1 er een is van achterdocht. Nog al teveel bedrijven maken zich schuldig aan een top-down aanpak.

Ik begeleid momenteel een traject bij Bednet dat in het teken staat van democratisch people management en motivatie door het geven van autonomie en een individuele aanpak. We blijven ver weg van de ‘het is zo omdat ik het zeg’, ‘ik ben de baas en jij werkt voor mij’. Bednet is een parel van een vzw, met een onwaarschijnlijk aantal gedreven en vakkundige mensen, en met het doel langdurig zieke kinderen synchroon onderwijs te laten genieten, waardoor ze mee blijven met de lessen en ook contact blijven houden met de kinderen uit hun klas en de leerkrachten. In de loop der jaren is Bednet organisch gegroeid. Nu hebben ze een erkenning gekregen van de Vlaamse overheid en hebben ze ook de (financiële) ruimte om verder te denken dan de eerstvolgende maand. Ze kunnen zich nu beraden over de toekomst: hoe willen ze de organisatie uittekenen om klaar te zijn voor de toekomstige groei? Hoe willen ze duurzame innovatie introduceren? Eén element zal daarbij alvast cruciaal zijn, en dat is hun aanpassingsvermogen om in te spelen op interne en externe veranderingen. Ook bij Bednet zal de diversiteit van de medewerkers, van de kinderen en van de ouders groeien. Maar ik ben er gerust in want een tijdje geleden heb ik met hen tijdens een workshop hun drijfveren en motivatie in kaart gebracht. Alles draait om autonomie, niet om betutteling. Om samenwerking, niet om anarchie of politieke spelletjes. Om zingeving ook, en niet om domme bureaucratie.

De optelsom van al deze woorden leidt naar een woord dat in het Nederlands niet echt een equivalent heeft: agile. Iets tussen behendigheid en wendbaarheid. Een ‘agile’ organisatie heeft de capaciteit om zich continu aan te passen en om te innoveren. Een beetje zoals onze jonge generatie het ook ziet. Los van mogelijke generatiekloven, wil iedereen werken in een omgeving waar vertrouwen en engagement centraal staat. Jongere en oudere werknemers willen een job waarin ze zich goed voelen omdat ze ademruimte krijgen om de vooropgestelde doelstellingen te realiseren en daarbij gecoacht worden door managers die het menselijk kapitaal laten schitteren en communicatie centraal stellen. Iedereen baas? Nog zo’n slecht idee niet, dus! Of om het nog ’s met de woorden van mijn papa te zeggen: “Je wordt zelf niet groter door iemand anders kleiner te maken!”